Altviool

Bespelen van de altviool

De altviool is een snaarinstrument met vier snaren. De klank wordt voortgebracht door de snaren in trilling te brengen met een strijkstok, of door te tokkelen met de vingers (pizzicato). De houten klankkast dient om het geluid van de trillende snaren te versterken. De altviool wordt doorgaans bespeeld door met de vingers van de linkerhand de snaren af drukken tegen de ebbenhouten toets om zodoende de snaar te verkorten (en dus hoger te doen klinken).

Ontstaan van de altviool

Wie de eerste viool heeft gemaakt is onbekend. Algemeen wordt aangenomen dat de viool rond 1550 in Italië ontstond in de vioolbouwcentra Brescia en Cremona. De viool speelt een belangrijke rol in veel muzikale tradities. Viool is een onmisbare rol in kamer- en symfonie muziek, maar het wordt ook steeds meer gebruikt in pop- en jazz muziek.